Maria-Lichtmis

Maria-Lichtmis of kortweg Lichtmis is een christelijk feest dat op 2 februari  gevierd wordt. De naam ‘Maria Lichtmis’ herinnert aan de lichtprocessie, die als hulde aan Maria werd gezien.

Hoewel de titel van het feest naar Maria verwijst, slaat Lichtmis vooral op Jezus. De kerk gedenkt een nieuwe Epifanie. Dit betekent dat Jezus voor de eerste maal onder het volk verschijnt. Voor het eerst komt Jezus in het huis van zijn Vader, namelijk de tempel van Jeruzalem. Vandaar dat dit feest ook de opdracht van de Heer in de tempel genoemd wordt, waarbij Jezus, zoals elk joods jongetje, wordt opgedragen aan God. Het tijdstip waarop we Lichtmis vieren, laat zien dat het de laatste feestdag is waarvan de datum verbonden is met Kerstmis.

Simeon had van de heilige Geest de belofte ontvangen dat hij niet zou sterven vooraleer hij de Messias had gezien. In de tempel werden Jozef en Maria benaderd door de oude man Simeon, die in Jezus de Messias herkende en hem beschreef als ‘licht van de nieuwe wereld’. Dit is een verklaring waarom die dag gesproken wordt over ‘lichtmis’. De uitspraak van Simeon wordt herdacht door kaarsen te wijden en lichtprocessies in de kerk te houden.

Daarnaast herdenkt men het zuiveringsoffer dat Maria veertig dagen na de geboorte van Jezus volgens de Joodse wet moest brengen. Tot de jaren 1960 was het ook bij ons gangbaar dat de moeder binnen de negen dagen een kerkgang deed om gezuiverd te worden van haar onreine toestand. De vrouwen wachtten achteraan in de kerk tot de priester hen kwam halen. Met een kaars in de hand volgden ze de priester naar het Maria-altaar, waar ze uit dank voor een gezonde baby vaak een donatie deden voor de kerk. Ook smeekten ze Maria’s genade over hun kind af. Vandaag leeft die laatste traditie nog door in de vele kinderzegeningen die op die dag worden georganiseerd.

Nu worden rond Lichtmis op vele parochies de gezinnen uitgenodigd waar het voorbije jaar een kindje gedoopt werd. De betekenis hiervan is: op een bijzondere wijze de betekenis van de komst van een kind in het gezin onderlijnen. Meestal wordt een doopviering in beperkte familiekring gevierd. Met Lichtmis worden de gezinnen waar een kindje gedoopt werd, midden in de parochiegemeenschap geplaatst.

Op Maria-Lichtmis worden (werden) traditioneel kaarsen gewijd die in een kaarsjesprocessie gebruikt worden, of die meegenomen worden naar huis om ze te gebruiken bij speciale gelegenheden (wanneer iemand stervende is, bij hevig onweer, enz…). In verschillende talen verwijst de naam van het feest trouwens rechtstreeks naar kaarsen. In het Zweeds heet het Kyndelsmässodagen, in het Frans Chandeleur.

Lichtmis wordt in onze streken verbonden met het einde van de strenge winter. Na de donkere maanden december en januari keert het licht langzaam terug. Het is ook traditie dat er op Maria Lichtmis pannenkoeken gegeten worden. De kippen leggen opnieuw; er zijn weer eieren genoeg om het beslag te maken. Dit pannenkoeken bakken wordt uitgedrukt in het gezegde: “Er is geen vrouwtje nog zo arm, of ze maakt haar pannetje warm”.

Doordat Maria Lichtmis in een periode valt waarin de dagen langer beginnen te worden, zijn er heel wat weerspreuken verbonden aan die dag, zoals bijvoorbeeld ‘Lichtmis donker maakt de boer tot jonker’, ‘Lichtmis helder en klaar, maakt de boer tot bedelaar’, ‘Geeft Lichtmis klaverblad, met Pasen sneeuw op het pad’, ‘Als Lichtmis komt met blommen, zal Pasen met sneeuw en ijs kommen’.