Kerstmis

Met kerst startte er een hele cyclus van feesten die iets vertellen over Gods openbaring.

  • Met Kerstmis zelf vierden we de openbaring van God in de kleine mens Jezus.
  • Ook het Feest van de Heilige Stefanus, eerste martelaar, op 26 december vertelt iets over God. Terwijl Stefanus met de dood door steniging bedreigd wordt, ziet hij het schitterende licht van God. En Jezus ziet hij naast God staan, aldus de woorden over de laatste uren voor zijn dood in Handelingen 7,51-8,1.
  • Met het Feest van de Heilige Familie op 28 december* herdachten we de vlucht naar Egypte. De eerste levensjaren van Jezus verliepen zeker niet gemakkelijk. Toch toont God zich ook doorheen deze moeilijke tijd als een beschermer.
  • Op 1 januari zullen we het Feest van de Heilige Maria, Moeder van God, vieren. Hoewel het een Mariafeest is dat belijdt dat Maria werkelijk de Moeder van God is, heeft het ook een uitgesproken christologisch karakter. Maria kan immers maar Moeder Gods zijn, als God zich ook echt openbaarde in het mensenkind Jezus.
  • Driekoningen, het Feest van de Openbaring van de Heer, zal dit jaar liturgisch gevierd worden op 4 januari. Gods openbaring beperkte zich niet tot de geslotenheid van een kleine familie of één bepaald volk. Integendeel, Hij wil zich laten zien aan de hele wereld, gesymboliseerd door de openbaring aan ‘de wijzen uit het oosten’.
  • Op 11 januari volgt dan nog het Feest van de Doop van de Heer. De evangelisten beschrijven hoe God tijdens dit doopsel openbaarde dat Jezus Zijn geliefde Zoon is. Dit feest markeert de afsluiting van de kersttijd en het begin van de ‘gewone tijd doorheen het jaar’, zoals dat heet.
  • Voor Vaticanum II liep de kersttijd nog verder door en reikte hij tot het Feest van Maria Lichtmis, 39 dagen na kerst. Inhoudelijk is dat ook het laatste feest op de liturgische kalender dat nog verband houdt met Kerstmis. Het herdenkt immers dat Maria en Jozef naar toenmalig joods gebruik een offer in de tempel brachten voor hun pasgeboren kind. De oude Simeon herkent volgens Lucas Gods heilsbelofte in het kind en bidt daarop de volgende hymne: Nu laat u, Heer, uw dienaar in vrede heengaan, zoals u hebt beloofd. Want met eigen ogen heb ik de redding gezien die u bewerkt hebt ten overstaan van alle volken: een licht dat geopenbaard wordt aan de heidenen en dat tot eer strekt van Israël, uw volk. (Lucas 2,29-32

* Op 28 december vieren we eveneens het Feest van Onschuldige Kinderen. Maar wat we herdenken 3 dagen na Kerstmis, was allesbehalve een feest. Dit moet je weten:

  • In de volksmond wordt het wel eens Onnozele kinderen genoemd, maar de betekenis van ‘onnozel’ moet verstaan worden zoals in de officiële benaming: Onschuldige Kinderen.
  • Dit feest met als vaste datum 28 december valt niet toevallig kort na Kerstmis. Integendeel, het hangt er nauw mee samen. Hoe dat precies zit, lezen we bij de evangelist Matteüs.
  • Matteüs vertelt het verhaal van de drie magiërs, die van koning  Herodes de opdracht krijgen om het kind – ‘koning van de joden’ – te gaan zoeken. De magiërs betwijfelen Herodes’ goede bedoelingen en keren na hun kraambezoek niet terug om verslag uit te brengen. Uit vrees voor een ongewenste concurrent laat Herodes alle pasgeboren jongetjes in Betlehem en omgeving ombrengen. Gelukkig voor Jezus is Jozef dan al gevlucht met zijn gezinnetje.
  • We herdenken dus een massale slachtpartij op onschuldige kinderen. Ze werden in de heiligenkalender van de katholieke kerk opgenomen als martelaren.
  • In tegenstelling tot de feesten van de Heilige Familie, de Moeder Gods en Driekoningen heeft Onschuldige Kinderen echter geen bijzondere plek in de kerstcyclus. Dat heeft mogelijk te maken met de historische twijfelachtigheid van het verhaal, waarvan Matteüs de enige bron is.
  • Wel heeft dit verhaal een kleurrijke folklore op gang gebracht, waarbij kinderen zich verkleedden als volwassenen (zelfs een kinderbisschop) en baas waren voor één dag. Dit feest werd uiteindelijk overschaduwd door Sinterklaas en Sint-Maarten.
  • Ook in de kunst kreeg het verhaal van de onschuldige kinderen een enorme weerklank, getuige het Drapeniersaltaarstuk geschilderd door Maarten van Heemskerck in 1546 (Frans Hals museum). Op het linkerluik is de aanbidding van Jezus door de herders afgebeeld, op het rechterluik de aanbidding door de drie wijzen. Op de buitenzijden brengt de engel Gabriël Maria de aankondiging van de geboorte van Jezus. Het middenpaneel brengt de kindermoord in Bethlehem, een dramatisch moment uit het kerstverhaal. Zo vertelt het altaarstuk als geheel het verhaal van de geboorte van Jezus en de gebeurtenissen die daarop volgde.