Feestdag van Catalonië

‘Diada’ betekent dag. Het is de nationale feestdag in Catalonië. De Catalanen zijn super trots op hun land en daarom wordt dit feest op 11 september vol met trots en nationalisme voor Catalonië gevierd.

Het begon op 11 september 1714 toen het kasteel van Cardona, als laatste oord van verzet, zich moest overgeven bij het beleg van Barcelona. De blokkade was goed een jaar te voren, kort na de Vrede van Utrecht begonnen door Spaanse en Franse troepen. Op 25 juli 1714 gingen de troepen over tot de belegering. Na de val van Barcelona richtte Filips V een streng centralistische staat naar Frans model op en werd de verregaande zelfstandigheid van Catalonië, waarvan het onder de Kroon van Aragón genoot, volledig afgeschaft.

Daarna hebben de Catalanen deze dag beschouwd als een rouwdag, het stond in het teken van de rouwdiensten voor de slachtoffers. Door de Catalaanse emancipatiebeweging in de negentiende eeuw is deze dag van nederlaag langzaam veranderd in een nationale feestdag. De Catalanen waren trots op hun eigen identiteit en taal en begonnen steeds meer standbeelden te maken van hun helden uit de tijd voor de val van Barcelona. Tijdens het regime van generaal Franco, van 1939 tot 1975, werden alle Catalaanse feestdagen en symbolen verbannen. Zelfs de Catalaanse taal werd verboden. Vrij snel na de dood van Franco werd de feestdag weer opgepikt! De dag 11 september 1976 wordt gezien als hét keerpunt van rouwdag naar feestdag. Meer dan een miljoen Catalanen stapten toen op ten voordele van meer Catalaanse autonomie.