Maandag 25 juli

De Nationale Dag van Galicië of zoals hij in Galicië bekend is, Dag van het Vaderland of de Dag van het Galicisch Vaderland is de officiële feestdag van de autonome regio Galicië. Deze dag werd in voege gesteld door het decreet van de Regering van Galicië van 1 januari 1979 en dat in het Staatsblad van Galicië verscheen. De feestdag gaat door op 25 juli, de dag van de apostel Jakobus.

De oorsprong van deze feestdag gaat terug tot in 1919, het jaar waarin de Asemblea de las Irmandades da Fala in Santiago de Compostela samenkwam om de de viering van de nationale feestdag te bepalen op 25 juli van het volgende jaar.

Tijdens de Franco dictatuur gingen de Galicische verenigingen verder in de emigratie en in Galicië zelf kwam het Galicische gevoel naar buiten tijdens de traditionele mis voor Rosalía de Castro in de kerk van Santo Domingo de Bonaval.

Bovendien, tijdens dit tijdperk was deze dag geïnstitutionaliseerd als officiële feestdag voor gans Spanje onder de naam “Día del Patrón de España” (Dag van de Beschermheilige van Spanje)*. Deze dag had een uitgesproken religieus karakter, hoewel na de overgang naar de democratie een aantal Autonome Regio’s hun officiële dag op een andere datum van het jaar plaatsten.

Tijdens de jaren zestig van de vorige eeuw en met de opkomst van de Partido Socialista Galego (PSG) en de Unión do Povo Galego (UPG) werden er clandestiene vieringen gehouden van de “Día de Galicia”.

Tijdens de jaren zeventig van de vorige eeuw waren er in Galicië tal van confrontaties tussen de Franco politie en tussen de militanten van de AN-PG (Asemblea Nacional-Popular Galega) en BN-PG, de oorsprong van het huidige Bloque Nacionalista Galego.

Tot in het midden van de jaren tachtig waren er geen democratische manifestaties op de “Dia da Patria” toegelaten maar vandaag de dag is de meest bijgewoonde van alle vieringen op 25 juli in de hoofdstad van Galicië.

Momenteel roepen de verschillende nationalistische partijen nog altijd op voor het bijwonen van hun manifestatie die zij nog altijd inrichten onder de naam “Dia da Patria” en waarop zij hun kijk geven op de huidige politieke situatie in Galicië.

Op 25 juli is er een institutionele plechtigheid “Ofrenda al Apóstol” met een religieuze ceremonie en een ontvangst met de aanwezigheid van de autoriteiten van gans Galicië.

* Jakobus was één van de twaalf discipelen van Jezus Christus. Hij behoorde tot de drie belangrijkste discipelen. De beroemde bedevaartsplaats Santiago de Compostella in Spanje is naar hem genoemd. Op die plek bevindt zich volgens de legende namelijk zijn graf. Apostel Jakobus wordt vaak ‘Jakobus de Meerdere’ genoemd.
Jakobus was net als zijn broer Johannes van origine een visser. Mogelijk waren zij neven van Jezus Christus. Toen Jezus op reis ging door Palestina om te prediken, behoorden beide broers tot de discipelen (leerlingen/volgelingen) die Jezus hierbij volgden.

Apostel Jakobus
Nadat de hemelvaart van Jezus Christus en de komst van de Heilige Geest tijdens Pinksteren geschied waren, begon Jakobus aan zijn Apostolaat (=missie). Het woord apostel is afgeleid van het Griekse woord ‘apóstolos’, wat ‘gezondene’ betekent. De apostelen kregen de naam ‘apostel’ aangezien zij de wereld in werden gezonden, om het evangelie te verkondigen.
De apostelen waren merendeels de vroegere leerlingen (de 12 discipelen), die Jezus had opgeleid. (Eén van de uitzonderingen daarop is Paulus, die ook vaak een apostel genoemd wordt, doch die nooit Jezus Christus ontmoet had diens aardse leven).
Jakobus zou in eerste instantie in Juda en Samaria over Jezus Christus gepredikt hebben. Later zou hij met negen discipelen per boot naar het Iberisch Schiereiland zijn vertrokken, om daar te prediken. Dit was indertijd geen groot succes en hij besloot terug te keren naar Judea. Daar had hij vele malen meer succes als prediker.
Behalve veel bewondering van zijn medestanders, wekten zijn preken ook veel ergernis op bij zijn tegenstanders. Met name de joodse hogepriester Abjatar zou het volk zeer tegen Jacobus hebben opgejut. De haatcampagne tegen Jacobus zou ertoe hebben geleid dat deze apostel uiteindelijk op bevel van Herodes Agrippa I zou zijn onthoofd. Dit zou geschied zijn in het jaar 44. Hij zou hiermee de eerste apostel of discipel van Jezus zijn, die een ‘martelaarsdood’ stierf.

Jacobus en Josias
Vlak voor die dood zou er zich nog een wonderbaarlijk verhaal hebben voltrokken. Op weg naar het schavot voor zijn executie, kwam Jacobus langs een stadspoort van Jeruzalem, waar een lamme man lag die smeekte om genezing. De apostel genas de lamme man. De joodse Schriftgeleerde Josias, die Jakobus richting de plek van zijn executie moest begeleiden, was zo onder de indruk van deze daad van Jakobus, dat hij hem vroeg of hij ook christen mocht worden. De hogepriester Abjatar en koning Herodes reageerden des duivels: eerst liet Abjatar de schriftgeleerde in elkaar slaan en vervolgens gaf Herodes toestemming om Josias, net als Jakobus, te onthoofden. Vlak voor de executie kon Jacobus de beul overhalen om hem wat water te geven, waarmee hij Josias doopte. Hierna werden beide mannen onthoofd.

Santiago De Compostella
Na zijn dood zouden volgens een legende twee leerlingen (Athanasius en Theodorus) het lichaam van Jakobus, op een bootje dat geleid werd door een engel, naar het Iberisch Schiereiland gebracht hebben. Ze zouden hem in de berg Libredon (in Galicië) begraven hebben. Later zou dat graf gevonden zijn. Het graf werd een bedevaartplek en groeide uit tot één van de grootste bedevaartsplaatsen van de christelijke wereld: Santiago de Compostella.

Matamoros
In 844 woedde er een grote veldslag tussen de Moren (moslims) en het leger van de koning van Asturië (christenen). Tijdens die strijd zou een mysterieuze, extreem sterke strijder ineens het christelijke leger te hulp zijn geschoten. Zijn wonderbaarlijke daden op het slagveld, zouden ervoor gezorgd hebben, dat het leger van de koning van Asturië de oorlog won. Velen waren ervan overtuigd dat die wonderlijke ridder eigenlijk de reïncarnatie van Sint Jakobus was. Sindsdien heeft deze heilige in Spanje de bijnaam Matoamoros, hetgeen betekent: de Morenslachter.

Jakobus de Meerdere
De Apostel Jakobus wordt vaak ‘Jakobus de Meerdere’ genoemd. Dit doet men om hem te onderscheiden van een andere Jakobus die eveneens een belangrijke rol in de Bijbel speelt: Jakobus de Mindere, die ook wel Jakobus de jongere of Jakobus de Rechtvaardige wordt genoemd. Niet Apostel Jakobus (de Meerdere), maar zijn jongere voornaamgenoot Jakobus de Mindere is de auteur waaraan doorgaans het Bijbelboek ‘Brief van Jakobus’ toe wordt geschreven. Jakobus de Mindere was mogelijk een broer of halfbroer van Jezus Christus (al zijn beslist niet alle theologen en alle kerken het daarover eens).

Heilige
Jakobus de Meerdere is uitgegroeid tot één van de bekendste heiligen uit de Rooms Katholieke kerk. Zijn naamdag is 25 juli. Hij is de patroonheilige van onder meer Spanje, Guatemala, Nicaragua, Montreal, Enschede, Den Haag, soldaten, ruiters, arbeiders, bewakers, hoedenmakers, dierenartsen, apothekers, drogisten, pelgrims en nog vele anderen.
De Sint-Jakobsschelp is naar hem genoemd. Ook zijn er wereldwijd talloze kerken naar hem vernoemd. Binnen de christelijke iconografie is het attribuut van Sint Jacob een sint-jacobsschelp, die doorgaans bevestigt is aan zijn mantel, tas of hoed. Hij wordt beschouwd als een beschermheilige die kan helpen tegen onder meer artritis en reuma. Ook zou hij kunnen zorgen voor goed weer.

In andere talen
In Nederland wordt Jakobus de Meerdere als heilige gewoonlijk Sint Jacob genoemd, maar soms ook Sint Jakobus of Sint Jacobus. In het Engels heet hij Saint James, in het Frans saint Jacques, in het Italiaans heet hij Giacomo of San Jacopo, en in het Spaans Santiago.