Slag aan de Peene

De Slag bij Kassel

De Slag bij Kassel (10 april 1677), soms ook Slag aan de Pene genoemd, is een van de drie veldslagen die in de buurt van de Vlaamse stad Kassel werden geleverd. Het was een confrontatie tussen troepen van Lodewijk XIV, en troepen van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

In het Europa van de 17e eeuw voerde de Franse kroon lange tijd een vijandige politiek tegenover de Habsburgers. Lodewijk XIV wilde zijn grenzen verschuiven naar makkelijker te verdedigen posities. Om dit te bewerkstelligen moest Frankrijk de Spaanse Nederlanden veroveren. Dit zou de Republiek der Verenigde Nederlanden niet over zich heen laten gaan. De republiek had liever het relatief zwakke Spaanse bewind aan zijn grenzen dan het sterke Frankrijk. De republiek moest vleugellam gemaakt worden zodat er geen hulp meer van verwacht kon worden. In 1672 lukte dit boven verwachting. De Nederlanders werden tot de Hollandse Waterlinie teruggedreven. In de roes van de overwinning liet Lodewijk echter onacceptabele vredesvoorwaarden eisen, waardoor de jonge republiek gedwongen was om de oorlog krachtig voort te zetten.

Het jaar 1673 bracht overwinningen voor de republiek en de Fransen moesten de republiek ontruimen, op de sterke vestingen Maastricht en Grave na. Lodewijk verzekerde zich een tijdlang van Engelse steun via het Verdrag van Dover maar toen de Engels-Franse vloot in 1674 verslagen werd door De Ruyter haalde de Engelse koning bakzeil. De oorlog werd voortgezet in de Spaanse Nederlanden. De republiek zond vanaf het jaar 1674 tot 1678 dertigduizend manschappen onder Willem III naar de Spaanse Nederlanden. De Spanjaarden voegden daar hoogstens 10 000 troepen aan toe en af en toe zond de Duitse keizer een leger over de Maas ter versterking.

De strategie van de Fransen bestond erin een dubbele gordel versterkte vestingen te bouwen en te veroveren. Zo zou de door Vauban bedachte Frontière de fer gerealiseerd worden. De doelen voor het jaar 1677 waren: Kamerijk (Cambrai), Valencijn (Valenciennes) en Sint-Omaars (Saint-Omer). Na de inname van Valencijn belegerde Lodewijk in hoogsteigen persoon, samen met Vauban, Kamerijk. Naar Sint-Omaars stuurde de koning zijn broer Filips, hertog van Orléans, bijgenaamd Monsieur.

Willem III besloot de belegerde steden te ontzetten. Vanuit Ieper marcheerde hij, aan het hoofd van een leger van 32.000 man, via Poperinge en Okselare op naar de Kasselvallei. Filips van Orléans, die de aantocht vernam, trok hen tegemoet en ontmoette de Staatse troepen aan de Penebeek tussen Noordpene en Zuidpene. Lodewijk XIV stuurde hem vanuit Kamerijk 25.000 voetknechten en 9000 cavaleristen onder bevel van maarschalk Luxembourg. Bij het vallen van de avond maakten 66.000 soldaten zich op voor de strijd.

De Nederlanders bestormden de Franse posities zonder het terrein vooraf verkend te hebben. Hierdoor was maarschalk Luxembourg in staat om met een cavalerieaanval een Staatse flank te verrassen, waardoor een Staats bataljon nagenoeg vernietigd werd, en drie andere bataljons op de vlucht sloegen. Willem III blies de aftocht, die in goede orde verliep. In totaal vielen aan beide zijden 4.200 doden en 7.000 gewonden.

De 46ste zwijgende voettocht

Deze vreedzame en stille mars is een unieke gelegenheid voor de Frans-Vlamingen om eraan te herinneren, dat ze als volk bestaan en dat ze niet willen verdwijnen en vooral dat we geen ch’tis zijn.  Deze natuurwandeling staat symbool voor de heropleving van het Nederlands en de Vlaamse cultuur in Frankrijk. We wandelen dus enkel achter de Vlaamse Leeuwenvlag en de Heelnederlandse vlag met de kleuren oranje-wit-blauw.

Terwijl Frankrijk een surrealistisch pseudodebat voert over zijn eigen identiteit, hebben wij, Vlamingen, geen enkele twijfel over de onze. Hieraan zal tijdens deze tocht herinnerd worden, aan de voet van de herdenkingszuil van deze brutale annexatie door Frankrijk.

Onze identiteit is geen ideologische zoals de Franse identiteit. Wij Vlamingen zijn geen papieren, abstracte en onderling verwisselbare “burgers”, maar vrije mensen, met hun wortels in een gemeenschappelijke geschiedenis, in een land en een volk. De strijd van de Vlamingen is onderdeel van de universele strijd voor het Volkerenrecht, zonder hetwelke er geen “mensenrechten” bestaan.

Samenkomst in Noordpene op 23 april 2022

Om 10.30 u brengen we hulde aan Raf Seys die ons 10 jaar geleden verliet, afspraak aan het grafmonument achter het Huis van de Slag in Noordpene. Om 10.45 u wordt het nieuwe Euvo bord onthuld, we vieren tevens het 15 jarig bestaan van het Huis van de Slag 1677. Om 11.00 u gratis bezoek aan het Huis van de Slag 1677 waarbij een drank wordt aangeboden, het museumbezoek is een aanrader en de nieuwe tentoonstelling een meevaller. s Middags is er ruim de tijd om een eethuis te bezoeken waarbij reserveren wordt aangeraden, onder vind je drie adressen.

Om 14.30 u vertrek voor een voettocht van ongeveer 7 km door de Vlaamse velden tussen Noordpene en Zuidpene. Aan de obelisk wordt even halt gehouden om de nationale liederen Uit die blou, het Wilhelmus en de Vlaamse Leeuw te zingen.  Na de Zwijgende Voettocht komen we samen in de feestzaal van de “Auberge de la Peene“ waar er een optreden is van La Bagarnette uit Sint-Omaars die ons Vlaamse volksdansen brengt alsook een optreden van de doedelzakspelers van Sakanotes, koffie en andere dranken tegen betaling aan democratische prijzen.

Verdere inlichtingen : Karel Appelmans, 00 32 468 14 11 53 of 00 33 618 22 49 57 – karel.appelmans@gmail.com

Eethuis Den Boereweg, 18 Boereweg in Buysscheure, 00 33 328 43 01 26,

Eethuis Auberge de la Peen, 94 La Place Noordpeene, 0033 328 49 20 37 – contact@auberge-de-la-peene.comwww.auberge-de-la-peene.com

Afspraak voor alle Vlamingen elke 4e zaterdag van april. De mars vertrekt afwisselend van Noordpene (even jaren) en Zuidpene (oneven jaren). De tocht eindigt op dezelfde plaats waar hij gestart is. Hij wordt georganiseerd door het Penekomitee, dat in Noordpene in april 2007 het bezoekerscentrum ‘Slag aan de Peene’ (Maison de la Bataille) geopend heeft met een museum gewijd aan de Slag bij Kassel.